Op 6 en 7 februari zijn wij weer van de partij op de Breidag in Breda.
Naast een stand waar nog steeds onderstaande boeken verkrijgbaar zijn geven wij ook workshops.
Er zijn drie verschillende workshops te volgen.
Workshop variaties in armbandjes haken. Vrijdag en zaterdag van 10.30 – 13.00 uur.
U gaat vijf verschillende armbanden haken met verschillende soorten kralen. U krijgt een hand-out met alle technieken. Kosten €30,00
Van 13.30 – 14.30 uur is er een workshop armbandjes haken met kralen. Dit zijn platte armbandjes en u krijgt materiaal voor 3 armbandjes. Variatie zit in de afmeting van de kraaltjes. Kosten €12,00
De derde workshop is van 14.45 – 15.45 uur. In deze workshop leert u door te rijgen en te haken armbandjes te maken. U krijgt materiaal om twee armbandjes te maken. €12,00
Voor alle workshops neemt u uw eigen haaknaald mee, 1.25-,1,5-1.75,2 mm. Voor opgaven geldersemutsen@gmail.com
De kostuumvereniging organiseerde 17 januari j.l haar jaarlijkse winterdag. Dit keer stond Iris van Herpen, modeontwerpster centraal. ‘s Ochtends waren er drie lezingen in de Arminiuskerk. Een mooie voorbereiding op wat ik ‘s middags te zien zou krijgen in De Kunsthal in Rotterdam.
Wat mij al snel opviel is dat het soms een beetje leek op het plooien van mutsen. Veel vouw technieken, hulp draden die de boel op zijn plek moeten houden en prachtige materialen. Heel ambachtelijk. Echter met vele nieuwe technieken als 3D printers en lasertechnieken. De inleidende film bij de tentoonstelling gaf een prachtig beeld van het maakproces maar ook van de show. Hieronder enkele foto’s van de tentoonstelling. Mocht u nog in de gelegenheid zijn deze te bezoeken, zeer de moeite waard.
In de herfstvakantie bezocht ik Erve Kots in Lievelde samen met moeder Henny. Het museum in de Achterhoek ligt in de prachtige omgeving rondom het terrein van Erve Kots. De oude boerderij is al drie generaties lang eigendom van de familie Weenink. Al sinds 1936 is het Achterhoeks Openluchtmuseum een officieel erkend openluchtmuseum. Overigens werd de naam Erve Kots afgeleid van J.H. Kots, de vorige bewoner van de boerderij. (bron http://www.ervekots.nl) Een aantal jaren geleden was ik al eens op Erve Kots tijdens een symposium en toen zag ik met name het verval. De gebouwen waren slecht onderhouden. Ik vond het toen erg troosteloos eruit zien. Nu stond er een advertentie in de krant dat het museum die dag in “bedrijf” was en er verschillende oude ambachten die dag demonstreerden. En dat was een reden voor een bezoek.
Het was een prachtige zonnige dag in oktober en het museum was top! Wat is er een werk verzet om het openluchtmuseum weer in ere te herstellen! Er waren allerlei ambachten ‘aan het werk’. Zo werden we beide meegenomen in allerlei werkzaamheden. Het leverde leuke gesprekken op.
Op het terrein staan verschillende gebouwen elk met zijn eigen ambacht. Allereerst kwamen we in een woonhuis waar ambachten demonstreerden. Daarna zagen we de oliepers, de timmerwerkplaats, de smid en de klompenmaker aan het werk. Ben er vast nog een aantal vergeten. Het leuke is je loopt van het ene naar het andere gebouw, je ziet iets, je loopt weer verder, zit even op een bankje en maakt een praatje en weer door.
De foto’s laten een impressie zien. In één van de huizen op het terrein was een linnenkast met knipmutsen daarvoor uitgestald. Dit heb ik uitgebreid gefotografeerd. Jammer dat de mutsen zo in de openlucht staan. Uit ervaring weet ik dat dit niet ten goede komt voor het behoud van de mutsen. Achter de mutsen is de linnenkast gevuld met linnen rollen en linnengoed gebruiksklaar. Dit kun je zien aan het lintje dat eromheen gebonden zit. Dat die mutsen zomaar in de openlucht staan, doet me als mutsenmaakster wel pijn. Waarom niet in een vitrine? Zo blijven ze toch niet bewaard? Ik wist niet dat dit deel mutsen nog maar het begin was wat ik te zien zou krijgen. Maar dat bewaar ik voor het volgende blog.
Via dit blog wil ik u bedanken voor het brengen van de doos met de mutsjes. U was de vrijdag in oktober op de Breidagen en zag de mutsen bij ons Geldersemutsen. De volgende dag, de zaterdag had u uw fiets gepakt en was opnieuw naar de IJsselhallen gefietst. Vriendelijk bij de ingang gevraagd of u iets mocht afgeven bij de kraam van de Geldersemutsen. U gaf een oude margarine doos met mutsjes aan Anke en zei daarbij: “Ik hoop dat jullie er nog iets mee kunnen, anders gaat het de container in”. Ik heb u niet ontmoet maar wil middels dit blog u laten weten dat ik inmiddels ‘iets mee gedaan’, heb. Ondanks dat tijd niet oneindig is, de talloze hobby’s die ik heb, startte ik in september nog een nieuwe hobby namelijk fotograferen. Inherent aan de Gelderse mutsen en laten zien wat we doen, is namelijk het goed op de foto zetten nog wel eens een dingetje. Toeval of niet, ik zag dat er een fotografiecursus in de buurt was, en zo toog ik een aantal avonden ernaar toe. Nu ik een klein beetje weet van de wereld van fotografie en sluitertijd, iso, belichting en diafragma niet helemaal meer onbekend zijn, ben ik gestart met het fotograferen van voornamelijk de mutsen. Op de laatste cursusavond stond macrofotografie op het programma. Nu zijn de mutsen daar prima als onderwerp voor geschikt en ik heb een margarine doos met mutsjes….
Op de cursusavond werd ik meegenomen in hoe je de mutsjes het mooiste en beste kan fotograferen. En ik merkte dat dit nog een heel gedoe is om de mutsen zo mooi mogelijk in beeld te krijgen, ondanks alle hulpmiddelen zoals goede lampen.
En nu het vervolg. Dat is nog wel lastig. Heb thuis geen fotostudio die is voorzien van alle gemakken. Daarnaast is tijd ook niet oneindig. Wil je mutsen goed fotograferen dan ben je zo een hele dag kwijt om de perfecte omgeving te creëren, de mutsen goed neer te zetten, te weten wat je wilt vertellen. Nu is dit alles behalve perfect maar ik wil u de eerste resultaten laten zien. Lieve mevrouw van de Breidagen. Ik heb al veel plezier beleefd aan uw gift. Er komt ook nog een vervolg zodra de tijd rijp is.
De zomervakantie is voor mij bij uitstek de gelegenheid om de vele hobby’s die ik heb, weer uit te voeren. Zowel kralenbreien als mutsenmaken lenen zich niet voor om ‘s avonds na het werk nog op te pakken. Je doet dit niet in een uurtje tijd, ‘s avonds op de bank na een dag hard werken. Nee, daar heb je meer tijd voor nodig,een grote tafel en heel veel tijd. ‘s Avonds voor de tv pak ik graag een breiwerk. Niet te moeilijk, iets waar je prima bij tv kunt kijken. Zo keek ik ook afgelopen winter naar het programma: : “Het geheim van de meester”, waarin de Nachtwacht van Rembrandt van Rijn werd gereconstrueerd. Hoe mooi wordt er achterhaald hoe dingen zijn ontstaan, hoe er gewerkt werd om een schilderij te maken in die tijd met die materialen en gereedschappen. Daaraan denkend, struinde ik nog eens door de mutsen- en kantenverzameling die we in de loop van de jaren bij elkaar hebben gesprokkeld. Een bijzondere kap was mij al meerdere keren opgevallen. De kap is niet van geborduurde tule zoals je meestal tegenkomt maar van geborduurde batist.
Bron Onderzoek in het boek: Mutsen en Streekdrachten in Gelderland en Overijssel, D.W. Woertman en J. Herbert (1977) dat dit soort mutsen rond 1900 gedragen werden bij doordeweekse visites, zoals buurt, kraam- en Nieuwjaarsbezoeken. De mutsenkappen waren gemaakt van Zwitserse broderie (machinaal geborduurde katoen) Aan deze mutsen werden eveneens eenvoudige stroken gezet.
Om een muts te maken heb je drie onderdelen nodig. Een kap (of bol), een voorstrook en een achterstrook. De achterstrook zoals in het boek te zien is, is niet van tule. Ook ik vond in de collectie nog een strook dat van andersoortig weefsel is gemaakt. De stof is dikker dan tule. Wat opvalt is de hoogte van de strook, deze is voor ons doen erg lang. De voorstrook is niet geheel duidelijk op deze foto. Op een andere foto met een andere muts in het boek is te zien dat de voorstrook lang is aangezet, de hele voorkant van de kap. Ook is de strook smal. Nu ik de muts compleet heb, begint het “opmaken”. Allereerst worden de onderdelen gewassen, gesteven en gestreken. Dan volgt het plooien van de voor- en achterstrook. Dit is beschreven in het boek: Achterhoekse Dracht (uitgave www. Geldersemutsen.nl) Het plooien van de achterstrook zorgde nog voor de nodige creativiteit. De strook was te lang voor de bestaande plank. Met twee andere plooiplankjes, klemmen en de nodige creativiteit heb ik de achterstrook geplooid. Maximaal 24 cm. is mogelijk voor een achterstrook, dan houdt het op voor de pinnen. Stomen met behulp van een stoomstrijkijzer en extra handen van Henny, een aantal dagen vastgeklemd op tafel laten drogen en ja hoor: het is gelukt. De achterstrook is geplooid!
Als laatst de strook achter aan de kap gezet en de “Markelose muts” is klaar.
In het eerste deel heb ik verteld over het tot stand komen van het kant. Binnen de verzameling kanten vond ik een stuk kant wat volgens mij genoeg moest zijn voor het maken van een reconstructie van een Baanmuts. Het kant is niet helemaal heel. Een stuk kant is niet meer te gebruiken. Zodra je het met een naald aanraakt, verschijnt er weer een nieuw gat in de kant.
Om zorgvuldig met het beperkte materiaal om te gaan, het kan immers maar 1x goed gaan, maak ik van stof allereerst een kap als proefmodel. De breedte van het kant is een vast gegeven en de naad moet ik verleggen wil ik deze kant gebruiken. Na nog enkele proefmodellen gemaakt te hebben, kom ik uiteindelijk op het definitieve patroon.
En dan, ja dan moet toch de schaar in de kant. Een zucht momentje, ik kan niet langer uitstellen ……………
De schaar erin en met spelden bepalen hoe de kap in elkaar gezet moet worden. Heel voorzichtig met kleine priegel steekjes zet ik de de repen aan elkaar. Hierbij moet ik tussendoor ook nog diverse reparaties uitvoeren.
Nadat ik de naden aan elkaar heb gezet zie je de eerste vorm van de kap.
Dan wordt er mutsenlint langs de gehele muts genaaid. Het lint zorgt voor afwerking en geeft meteen stevigheid aan de kap. Ook worden de strikjes onder de kin eraan genaaid.
De volgende stap is om achterin de schuif te naaien. Dat is nog een hele nieuwe uitdaging. Daar moet ik eens goed voor gaan zitten.
Mocht u aanvullende informatie hebben over het kant of de muts. Ik hoor het graag van u.
Een hele specifieke muts is de Baanmuts. Deze muts wordt specifiek toegeschreven aan Winterswijk in het boek “Mutsen en streekdrachten uit Gelderland en Overijssel” van Woertman en Herbert (1977)
De mutsenbol of kap genaamd, is gemaakt van kloskant. Drie repen ervan werden met priegelsteekjes aan elkaar gezet en in model geknipt. Zo ontstond er een bol van banen, de Baanmuts genoemd.
Hoe kwam dit tot stand?
In de Kantbrief, uitgave LOKK (Landelijke Organisatie Kant Kunst Nederland), uitgave 2021 jaargang 1 t/m 4, zijn er vier artikelen geplaatst met de titel: Kan(mis)slagen door Marianne Bottriaux. Daar wordt verteld hoe de kant werd vervaardigd.
In deze artikelen vertelt de schrijfster over de kantwerksters uit Beveren (België) Aan het begin van de 20ste eeuw waren er nog 1200 kantwerksters, vijftig jaar later nog maar een hand vol. De vele uren die gemaakt moesten worden, leverden niet genoeg op om een fatsoenlijke boterham te verdienen. Langzaamaan stierf het beroep uit.
In de eerste twee artikelen wordt uitleg gegeven hoe handmatig de patronen werden vervaardigd. Voor mij als niet kantkloster bijna niet voor te stellen hoeveel werk dit al geweest moet zijn. Voor meer uitleg verwijs ik naar deze artikelen.
In het derde artikel gaat de schrijfster verder in op de oorsprong van Beverse kant. Destijds een florerend bedrijf in België en toonaangevend voor de mutsenkanten van de streekmutsen welke in Nederland werden gedragen.
Op de tentoonstelling: “Mutsenkanten uit Noord-Nederland 1730-1930”, in 1985 gehouden, waren honderdvijftig mutsen te zien en liefst zestig waren afgewerkt met Bevers kant.
De belangrijkste afnemers waren in die tijd de Nederlandse vrouwen die een streekmuts droegen.
In de laatste uitgave van 2021 is een heel artikel gewijd aan de techniek van Bevers kant. Elk onderdeel wordt beschreven hoe het moet worden geklost. Daarnaast geeft de schrijfster haar visie op de toekomst van het bewaren van het klossen van Bevers kant. Is het kunst? Hoe zorgen we dat het behouden blijft?
Door het mutsenvak uit te oefenen, houd ik in ieder geval een deel in stand. In de verzameling vond ik een stuk Bevers kant. Dit zou genoeg moeten zijn om een reconstructie te maken van een Baanmuts.
Mocht u aanvullende informatie hebben over het kant of de muts. Ik hoor het graag van u.
Het zal vast via Facebook ons ter ore zijn gekomen, op het Noordzee Zomerfestival van Katwijk zou op 9 augustus het Nationaal Klederdracht festival plaatsvinden. Nu dat was wat voor ons, Geldersemutsen, de reden om op die dag Katwijk te bezoeken.
Zodra we een parkeerplek in een parkeergarage hadden gevonden, zagen we de eerste mensen al in in klederdracht. We wisten niet precies wat er zou zijn en waar het zou zijn.
Allereerst maar eens naar het Katwijkse museum. Daar aangekomen zien we al verschillende groepen in klederdracht.
Het Genootschap Oud Katwijk is organisator van dit festival. In samenwerking met het Noordzee Zomerfestival zijn er klederdrachtgroepen uit het gehele land uitgenodigd.
Vanuit het Katwijkse museum gaan de klederdrachtgroepen in optocht naar het Strandplein. Daar worden in de middag alle groepen één voor één gepresenteerd en voorzien van informatie over de klederdracht van hun streek.
Wat een rijkdom wordt er getoond!
We zien groepen uit Friesland, Emmen, Nunspeet, West-Friesland, Scheveningen, Pernis, Zeeland…………. en nog meer.
Hieronder een aantal foto’s. Helaas was ik mijn fotocamera vergeten. Ze zijn met mijn mobiel gemaakt.
De hele middag hebben we gekeken naar de presentaties van de verschillende klederdrachten. Erg leuk en goed georganiseerd! Het festival was gratis toegankelijk, er stonden stoelen op het terrein waar je gebruik van kon maken en er was koffie. En als je iemand in klederdracht iets vroeg, stond je zo een half uur te kletsen over de klederdracht.
We hebben een prachtige middag gehad. Voor meer foto’s kijk op de site van het festival. Daar staan nog meer foto’s op. Het Noordzee Zomerfestival is een jaarlijks evenement, maar of er ieder jaar klederdracht te zien is, is voor ons niet duidelijk. bent u liefhebber zet het alvast in de agenda en misschien is er weer zo’n fantastische klederdrachten dag in Katwijk.
Niet de laatste loodjes maar de laatste plooitje worden gelegd voor de beurs.
Het (op) maken van mutsen is een lang traject dat je niet even op een vrije ochtend doet. In het lange Paasweekend werden de laatste puntjes op de i gezet van het boek. De deadline hijgt dan toch op een gegeven moment in je nek. Maar gelukkig die is gehaald. En inmiddels is het boek van de pers gerold.
Daarna richten we ons op de stand op de Handwerkbeurs in Zwolle (12 tot en met 15 mei, stand 25). De vitrines zijn leeggehaald, schoongemaakt en opnieuw ingericht. De mutsen en onderdelen van de mutsen waren al op een eerder moment gewassen, gesteven en geplooid. Het inrichten was toch wel even een dingetje. Past het wel in de ondiepe vitrines en hebben we het geheel van (op)maken van een muts een beetje in beeld met de voorbeelden die we hebben?
En welke dracht doen we zelf aan? Zijn onze eigen mutsen schoon? Is de schort nog tiptop?
De fotosessie voor het boek met de professionele fotografen, was in december, hartje winter en toen hadden we lekkere dikke wollen kleding aan. Nu is het mei en doen we toch liever de zomerse dracht aan met korte mouwen. Past alles nog en is alles compleet? Zo tutten we de de paasdagen door om straks op de handwerkbeurs een mooie presentatie te maken rondom ons nieuwe boek: de Achterhoekse dracht.
De koffers zijn weer ingepakt, het hoofd draait op volle toeren of we niet iets vergeten zijn. En of alles wel in de auto past.
Een nieuw boek van de Gelderse mutsen: Achterhoekse dracht. Een boek dat u binnen laat kijken bij de familie Grevers die al vier generaties de Achterhoekse knipmutsen en plooimutsen (op)maakt.
Een boek dat met vele foto’s laat zien hoe de mutsen gemaakt, gewassen, gesteven en geplooid worden. Het boek wordt aangevuld met filmpjes op YouTube waar u inzicht krijgt hoe de knip- en plooimuts gemaakt worden.
Verder in dit boek hebben Henny, Anke en Connie patronen gemaakt van originele uit de Achterhoek komende gebreide mutsen (3), 2 gehaakte mutsen en 2 kralentassen.
Ook staat er in dit 80 pagina’s tellende boek een eigen ontwerp (met patroon) van een Achterhoekse mutsen sjaal. Natuurlijk konden de dames het ook niet laten om patronen te verkleinen zodat een pop ook in de Achterhoekse dracht gekleed kan worden.
Het boek is gemaakt om een stukje Achterhoeks textiel erfgoed in beeld te brengen en te bewaren voor volgende generaties.
Het boek zal gepresenteerd worden op de Handwerkbeurs in Zwolle. Deze wordt gehouden in de IJsselhallen van 12 tot en met 15 mei.
In onze stand vertellen wij graag over de verschillende mutsen die gedragen werden in de Achterhoek. Daarnaast hebben we een kleine tentoonstelling van mutsen.
Voor elke dag op de beurs hebben wij voor de eerste tien kopers van ons boek een speciale verrassing.
Naast ons nieuwe boek hebben wij onze eerder uitgebrachte boeken ook nog te koop: Gelderse gebreide mutsen, Gebreide kralen tassen, Traditionele kralenbeurzen, Gebreide poppensokjes en -kniekousen en Kralen in kleding.
Er zijn diverse pakketten om zelf kralentasjes te breien en te haken. Bij een aantal kralenpakketjes zijn zelfs gratis boeken.
U vindt verder in onze stand (nr.25) patronen voor het breien of haken van mutsen, patronen voor poppenkleding en tasbeugeltjes.